Honderdjarige Anna de Jong geniet nog met volle teugen

STEENBERGEN – “Stift altijd je lipkes, doe een bietje ruuk op en blijf lekker vrolijk.” Of dit het recept is voor een lang en gezond leven blijft de vraag, maar Anna de Jong-Huiskens doet het er in ieder geval al honderd jaar prima op. Vandaag vierde de eeuwlinge haar verjaardag in haar flat aan de Molenweg, omringd door familie en vrienden.

Klein van stuk, kaarsrecht overeind en zo gezond als een vis stond Anna vanmiddag met open armen klaar voor loco-burgemeester Koos Krook die op verjaardagsvisite kwam. Hij trakteerde de jarige op een bos fleurige bos bloemen (“Wat word ik toch verwend!”), een 3D-afbeelding van de Gummaruskerk (“Och, moet je nu toch zien hoe mooi!”) en een boek over de Bevrijding van West-Brabant (“Misschien herken ik er nog wel wat in!”).

Ik ben even weg hoor jongen

Wie honderd is, kent veel verhalen en dat geldt zeker voor Anna die ze ook nog eens allemaal kan herinneren. Zowel de hoogtepunten als de dieptepunten , want die zijn haar deur zeker niet voorbij gegaan. Het overlijden van haar enige zoon Toon is wel het zwartste hoofdstuk in haar levensboek. “Ik ben nog elke dag met zijn overlijden bezig. Als ik weg ga, zeg ik altijd tegen de foto van onze Toon: Ik ben even weg hoor jongen.” Gelukkig kan Anna bouwen op haar beide dochters en op haar schoondochter die zij als een eigen kind beschouwt. “Die meiden maken wat klaar voor mij hoor. Ik ben d’r zo blij mee.”

Grintweg

De laatste 21 jaar woont Anna in de flat aan de Molenweg, op een steenworp afstand van waar zij geboren werd. “Dat heette toen nog de Grintweg. In een rij nieuwe huisjes die door de R.K. Bouwvereniging  was gebouwd.” Het vormde in 1920 de rand van de stad met daarachter niets dan weilanden en sloten.

Wandluis

Als achttienjarige jonge blom trad Anna Huiskens in het huwelijksbootje met Goof de Jong. Het jonge stel ging in het Rozemarijnstraatje wonen. “Maar eerst moesten we de wandluis er nog uitkoken,” vertelt de bruid van weleer. Oudste dochter Adriana (Jaantje) wordt er geboren waarna het stel naar de Welberg verhuist. Daar maken dochter Betsy en zoon Toon het gezin compleet. Het waren mooie, maar ook zware jaren. Ze maakten er het oorlogsgeweld en de verwoestende gevolgen van de Watersnoodstorm mee.  Tot twee maal toe moest het gezin De Jong huis en haard opnieuw opbouwen.

Aan jezelf denken

Uiteindelijk landden zij in de Nicolaas Peckstraat waar Anna 49 tevreden jaren woonde. “Een paar jaar na het overlijden van mijn man in 1995 vonden de kinderen het beter dat ik wat kleiner ging wonen en zodoende kwam ik hier aan de Molenweg terecht. In het begin hielp ik nog alle mensen in de flat, maar op een gegeven moment zei de dokter ‘Anna, daar moet je mee stoppen, je moet nu aan jezelf denken’.”

Openbaar  vervoer

Het verhaal past bij de uitdrukking die Anna graag mag gebruiken:  Van hard werken, is nog nooit iemand dood gegaan. “Ik heb tot mijn 71ste gewerkt. Onder meer bij tandarts Van Herk bij wie ik ook voor de kinderen zorgde. Ik werkte ook bij dokter Olthof. Toen hij in Dordrecht ging wonen, nam ik ontslag, maar dat vond zijn vrouw zo erg dat ze me huilend vroeg of ik toch wilde blijven komen. Dus ben ik zes jaar lang met het openbaar vervoer naar hun toe gegaan.”

Lekker dansen en kletsen

De honderdjarige benadrukt dat zij in haar leven vooral veel plezier heeft gehad. “Lekker dansen, kletsen en naar de bingo. Onder de mensen zijn, dat vind ik heel belangrijk. Samen met mijn vriendin Rika heb ik zoveel plezier beleefd. Ik heb nog nooit zo’n goede vriendin gehad. Ze zit nu in het Hof van Nassau, maar ze weet nog steeds wie ik ben.”

(Foto en tekst: Dasja Abresch)