‘Verklaring van Steenbergen’ voor energieneutrale gemeente

STEENBERGEN – Met de ondertekening van de ‘Verklaring van Steenbergen’ wordt op zaterdag 8 oktober, in aanloop naar de Dag van de Duurzaamheid, de eerste stap gezet richting een energieneutrale gemeente in het jaar 2040.

Niet dat er tot nu toe van gemeentewege nog niks is gedaan op het gebied van duurzaamheid. Integendeel: het is één van de speerpunten van het lopende college- en raadsprogramma. Zo werden onlangs ook al de randvoorwaarden opgesteld voor plannen als de oprichting van ‘dorps(wind)molens’ en de toepassing van zonne-energie door commerciële partijen en initiatieven vanuit de gemeenschap, waarvan de revenuen ten goede moeten komen aan de lokale samenleving, ofwel gebruikt kunnen worden voor nieuwe duurzame energie-projecten.

'Klein sneeuwvlokje dat tot een grote beweging moet leiden'

Vanuit een voorlichtingsavond over dit onderwerp die in juni in Dinteloord plaatsvond, is er nu een kerngroep energietransitie totstand gekomen, van waaruit de ‘Verklaring van Steenbergen’ is opgesteld. ,,Een inspiratiedocument om tot actie en samenwerking te komen. Een klein sneeuwballetje dat tot een grote beweging moet leiden,’’ aldus verantwoordelijk wethouder Marijke Vos.

Ondertekening

De kerngroep bestaat uit het Ondernemers Platform Steenbergen, de Dorpsraad Nieuw-Vossemeer, de energieambassadeurs van de gemeente Steenbergen, woningstichting Stadlander, Energiek Brabantse Wal, de Streekorganisatie Brabantse Wal, Buurkracht (onderdeel van energieleverancier Enexis), Stichting Sirene (natuur & milieu), ZLTO, en de glastuinbouwbedrijven uit het Steenbergse Westland.

Vertegenwoordigers van al deze organisaties zullen op zaterdag 8 oktober de gezamenlijke verklaring ondertekenen. Dat gebeurt om 10.00 uur bij brasserie Puur in Steenbergen, waar belangstellenden en andere organisaties die zich hierbij alsnog willen aansluiten ook van harte welkom zijn. ,,Zij kunnen dit ter plekke doen,’’ stelt de wethouder. ,,Vervolgens gaan we met alle partners en de raad verder invulling geven aan de verklaring.’’