Valence Bickel doet naam eer aan: Eenmaal Wereld- en driemaal Europees kampioen

STEENBERGEN – Na het behalen van haar derde Europese titel bij het Kyokushin karate – eind oktober in het Portugese Porto – had Steenbergse Courant een gesprekje met deze bikkel. Want dat je bij een full contactsport als het Kyokushin karate geen watje kunt zijn mag duidelijk wezen.

Wie verwacht tegenover een potige jongedame te komt te staan die moeite moet doen om het theeglas niet fijn te knijpen, komt bedrogen uit. Valence Bickel – een fraaie slanke jongedame – lijkt het tegenovergestelde. Zeker omdat ze gekleed is in een mantelpakje – “Ik vertrek zo meteen naar een bedrijfsbeurs in Goes” – met een modieuze schoen.
In het gesprek blijkt Valence heel duidelijk te weten wat ze wil. De 21-jarige is student aan de hogeschool in Vlissingen waar ze een opleiding HBO sportkunde volgt. Daarnaast heeft ze één ideaal: de allerbeste te zijn en te blijven in de sport waarvoor ze een viertal jaren geleden is gevallen. Dat laatste figuurlijk dan, want in het Kyokushin karate blijft ze graag overeind.

Knock-out of knock-down

Aan haar de vraag hoe een jonge vrouw er bij komt om aan deze vorm van karate te doen. Een uitgesproken contactsport, waarbij rake klappen en trappen voor een overwinning kunnen zorgen. Of voor een knock-out of minstens een knock-down.
“Het is een kwestie van trainen en van beheersing. Ik train heel veel om mijn lichaam sterk te maken. Natuurlijk loop ik wel wat blauwe plekken op, maar voor de rest valt het enorm mee. Weet je dat er bij een gemiddelde voetbalwedstrijd meer blessures optreden dan bij het Kyokushin karate? Doordat ik veel train is mijn lichaam beresterk en ben ik heel weerbaar. En natuurlijk heb ook ik wel eens last van een blessure. Zo had ik in november vorig jaar, na mijn WK een borstblessure en moest ik het een poos rustig aan doen. Maar door een goede opbouw in de erop volgende trainingen is dat goed hersteld. Daarnaast heb je – door het niveau waarop ik vecht – ook wel kneuzingen of eens een polsblessure. Maar nogmaals, er zijn tal van andere sporten die minder erg lijken, maar waarbij meer blessures voorkomen”.

Aanvankelijk turnen

Het fanatiek sporten zit al van kinds af aan in mij. Zo heb ik tot mijn zeventiende geturnd. Aanvankelijk gestart bij Trafo en daarna bij Dynamo in Roosendaal. Op mijn vijftiende was ik Nederlands kampioen turnen. Toen ik naar een andere sport zocht dacht ik eerst aan kickboksen. Mijn moeder – Lia Vlietland, zelf een 3e dan karateka, raadde me dat af. Ze nam me mee naar een zomerkamp op Papendal. Hier kwam ik in aanraking met Kyokushin karate en ik was meteen verkocht.
In tegenstelling tot het kickboksen – waarbij branie, geld en geweld de modus is – is Kyokushin karate een vechtsport waarin het respect voor elkaar centraal staat.

Vijftien uur per week

Valence Bickel traint in Middelharnis bij ‘Kiyozumi’ de school van bondscoach André van Wezel. Daarnaast is ze veel te vinden in de fitness van de Knotwilg. Per week ben ik tien keer anderhalf uur met mijn sport bezig. Door hard te trainen behoud ik mijn conditie en zorg ik ervoor dat ik fysiek in topvorm blijf. Ik laat veel voor mijn sport en heb steeds een andere doelstelling. Het is nooit genoeg. Doordat ik nu drie maal Europees kampioen en ook Wereldkampioen ben wordt er ook veel van me verwacht. Er ligt best een druk op mijn schouders. Gelukkig kan ik snel relativeren. Tijdens een kampioenschap heb ik gezonde zenuwen. Ik geef me helemaal en zal ook best eens verliezen. Iedereen die naar het EK of WK gaat is goed, anders kan je er niet aan deelnemen. Bij een gevecht ga ik tot het uiterste. Ik ben dan heel gefocust en zit boordevol andrealine. In mijn sport wil ik het onderste van mezelf naar boven halen. Steeds mijn grenzen verleggen.

Kyokushin Steenbergen

Naast het vele trainen en haar studie maakt Valence Bickel ook tijd om mee te helpen in de sportschool van haar moeder Lia, Kyokushin Steenbergen. “Op woensdagavond geven we les in de Knotwilg aan kinderen en volwassenen. Deze vechtsport is goed voor hun karaktervorming. Het geeft ze zelfvertrouwen, maakt ze weerbaar en ook lenig, brengt discipline en leert ze doorzetten. Het brengt ze ook respect voor de ander bij. Allemaal belangrijke zaken. En het leuke aan Kyokushin is ook dat ieder het op eigen niveau kan doen. Het is een sport voor kinderen van vijf jaar, maar ook voor 75-jarigen”.

Door: Peter Vermeulen