Toine Koch, voorzitter KHN afdeling Steenbergen: “De horeca zit op een kantelpunt”

STEENBERGEN – “Ik ga liever twee maanden te laat dan één dag te vroeg open,” ventileert Toine Koch, voorzitter van de Koninklijke Horeca Nederland afdeling Steenbergen stellig. Inmiddels is duidelijk dat de terrassen op zijn vroegst pas vanaf 28 april opengaan en daar is de Kruislandse horecaondernemer niet persé rouwig om. “Het wordt steeds moeilijker om perspectief te zien,” geeft Koch eerlijk toe, “maar alleen de terrassen open, dat is niet het antwoord.”

Het zou volgens hem ook beter zijn wanneer de rijksoverheid stopt met het noemen van data: “Dat schept verwachtingen en de ervaring leert inmiddels dat het alleen maar tot teleurstellingen leidt.”

Tot de laatste cent

Koch ervaart aan den lijve hoe zwaar het is om financieel en geestelijk overeind te blijven. De komende tijd zullen collega’s de handdoek in de ring gooien, voorspelt hij. “Veel ondernemers bevinden zich op een kantelpunt: Moet ik doorgaan tot de laatste cent of moet ik stoppen nu ik nog een beetje heb?”

Lege terrassen

Eén ding weet de belangenbehartiger zeker en dat is dat het openstellen van de terrassen slechts een druppel op de gloeiende plaat is. “Kijk nu naar de afgelopen maand. De ene dag is het 25 graden en de volgende dag zit je in de sneeuw en de hagel. Als ondernemer moet je daar wel je hele bedrijf voor opstarten. Er moet op ingekocht worden, er moet personeel zijn en waarvoor? Lege terrassen? Bovendien ga je met 10-15 zitplekken op de 1,5 meter de strijd ook niet winnen. Ik vraag me ook af wat er met de steunmaatregelen gebeurt wanneer de terrassen opengaan? Verdwijnen die dan? Want dan zou het probleem nog wel eens veel groter kunnen worden dan nu al het geval is.”

Zwart gat

Persoonlijk ervaart Koch het bijhouden van zijn financiële administratie momenteel als een val in een zwart gat. “Ik schiet er iedere maand duizenden euro’s bij in,” rekent hij voor. “Daar komt bij dat mijn hele gezin afhankelijk is van de zaak.”

Camperplaats ‘Dun Achertuin’ die vorig jaar achter het horecaetablissement werd geopend, trekt klanten, maar loopt op dit moment niet storm. “Bij kamperen hoort een rondje fietsen en bij een rondje fietsen hoort een bakje koffie. Zolang dat niet kan, zien mensen het niet zo zitten om er met de camper op uit te trekken.”

[ door Dasja Abresch ]