Rechtbank veroordeelt ex-kantinebeheerder tot 4 jaar cel

STEENBERGEN/BREDA – De rechtbank in Breda heeft vandaag, conform de eis van de officier van justitie, een celstraf van vier jaar opgelegd aan Steenbergenaar C.J. (38) in verband met de harddrugs die in de zomer van 2015 werden gevonden in de kantine van vv Steenbergen.

De rechtbank twijfelt er niet aan of J. – destijds net aangesteld als kantinebeheerder – wist precies wat er in de sporttassen zat die door een vrijwilliger van de club werden aangetroffen in het invalidentoilet van de kantine, ook al beweerde hij zelf bij hoog en laag dat het om aanmaakblokjes zou gaan.

In werkelijkheid betrof het echter 100 kilo MDMA, een halffabricaat voor de productie van synthetische harddrugs, met een 'straatwaarde' van 200.000 euro.

De advocaat van J. pleitte niettemin voor vrijspraak, omdat de betrokkenheid van zijn cliënt bij de drugsvondst niet wettig en overtuigend bewezen zou zijn.

In navolging van het Openbaar Ministerie, leidde de rechter uit alle feiten en getuigenverklaring juist het tegenovergestelde af, waarbij werd gesteld dat J. slechts uit winstbejag heeft gehandeld en zich niet heeft bekommerd over de gevolgen van zijn daden, zoals de grote gezondheidsrisico’s van harddrugs en het feit dat hij de verboden middelen had opgeslagen in een voor velen toegankelijke ruimte. Op het sportpark vond in het weekend van de drugsvondst nota bene een jeugdkamp plaats.

J.’s advocaat vroeg de rechtbank bij de strafbepaling nog rekening te houden met het feit dat zijn cliënt (tot nu toe) een blanco strafblad had, maar inmiddels ook financieel berooid en sociaal afgebrand is.

De rechter zag echter geen aanleiding om af te wijken van de vordering van de officier van justitie en legde de Steenbergenaar een gevangenisstraf van vier jaar op, met aftrek van de maanden die hij na zijn aanhouding al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.