Leune blij met Expeditie Nassau: ‘brengt collectief geheugen tot leven’

STEENBERGEN – De Expeditie Nassau die deze week van start is gegaan, kan de goedkeuring wegdragen van Han Leune, schrijver van het boek ‘Het fort Henricus te Steenbergen’. “Ik ben erover verheugd,” aldus de emeritus hoogleraar. “Misschien een kwestie van ‘beter laat dan nooit’, maar het had ook ‘nooit’ kunnen zijn.” De expeditie vertrekt volgens hem van goede grond: “Steenbergen was een belangrijke vestingstad. Omgerekend naar de hedendaagse euro hadden de zeven gewesten van de Republiek er in die tijd 1,3 miljoen euro voor over om het fort Henricus te bouwen. Dat hadden ze nooit gedaan als het niet ongelooflijk belangrijk was.”

De versterkingen aan de vesting van Steenbergen van 1626-1629 waren bijzonder effectief. In 1622 namen de Spanjaarden tot grote schrik van de Staatsen bezit van de vesting. Na de versterking, is dat nooit meer gelukt. “En geloof maar dat het nog vele malen geprobeerd is,” aldus de auteur. “Sterker nog, in 1747 veroverden de Fransen Bergen op Zoom en schoten het volledig in puin. Dat lot stond Steenbergen ook te wachten maar mislukte compleet dankzij de werking van de West Brabantse Waterlinie.”

Virtuele reconstructie

Het doel van de Expeditie Nassau is om de trots op en de betrokkenheid bij de Vesting Steenbergen en het militaire verleden te vergroten. In de eerste plaats bij de inwoners van de stadskern, maar ook bij hun gemeentegenoten en de bezoekers van de stad. Een grote groep belanghebbenden en betrokkenen komt in vier maanden tijd tot nieuwe ideeën en ontwikkelkansen die gevat worden in een concreet plan van aanpak.

”Ik hoop dat het historisch besef hiermee gereactiveerd wordt,” aldus Leune. “Want dat is behoorlijk weggezakt in het collectief geheugen van Steenbergen. Ik hoop dat dit geheugen geprikkeld wordt en tot leven komt, inclusief de fysieke verbeelding die erbij hoort.” Moderne technieken zouden daarbij kunnen helpen. “Je draait de sloop van de stadswallen niet meer terug, maar door middel van moderne technieken en virtuele reconstructie is er veel mogelijk.”