Bezige bij Maurits Dogge een van de jongste imkers van ons land

WELBERG – Wist u dat mensen die last hebben van hooikoorts gebaat kunnen zijn bij honing van de plaatselijke bij? En dat de afstand die één enkel bijtje moet afleggen voor een potje van 400 gram honing gelijk staat aan een vlucht van 2,5 keer rond de wereld? Het is nog slechts het topje van de berg aan bijenkennis die de elfjarige Maurits Dogge uit Welberg bezit.

Uit pure interesse begon hij enkele maanden geleden aan de imkeropleiding en hoopt hij in september van dit jaar zijn diploma in ontvangst te mogen nemen. Hij wordt daarmee één van de jongste imkers die ons land kent. En in de tussentijd is hij al koning van een eigen bijenrijk met zo’n 10.000 onderdanen.

Een bijzonder kind, die Maurits Dogge, want waar de meeste van zijn leeftijdgenootjes maaiend met armen en benen op de vlucht slaan bij het gezoem van willekeurig insect, kan zelfs een stevige steek hem nog niet deren. Want de angel van een geïrriteerde bij is iets waar iedere imker op gezette tijden mee te maken krijgt. ,,Normaal gesproken hoef je echt niet bang voor ze te zijn,’’ verzekert Maurits. ,,Maar ja, wij gaan natuurlijk wel op ze af met water en rook; dat is vragen om problemen.’’

Kruisbestuiving

De passie voor de honingbij is bij Maurits gewekt door zijn vader, Kees Dogge, van bloemenkwekerij Landjuweel aan de Boomdijk. Bij de passant beter bekend van de bloemenbakfiets die dagelijks aan de kant van de dijk te vinden is. Vader Dogge besloot zich te scholen tot imker om zodoende met eigen volkeren de bestuiving van de bloemen en de fruitbomen te kunnen bevorderen.

Een duidelijk geval van kruisbestuiving, want niet alleen doet de bij goed werk voor Landjuweel, andersom is de bloemenkweker ook een zegen voor deze bedreigde diersoort. De grootste bedreiging van de bij is op dit moment namelijk eenzijdige ondervoeding. ,,Er is te weinig biodiversiteit,’’ legt Kees Dogge uit. ,,Er moet echt wat gebeuren om te zorgen dat er meer en vooral ook verschillende bloemen komen. Gemeenten kunnen eraan bijdragen door te zorgen voor meer bloemen in de plantsoenen of door bollenpakketten aan te bieden. Akkerbouwers kunnen hun akkerranden inzaaien met een bloemrijk mengsel en iedere inwoner kan helpen door weer bloemen in de tuin te zetten.’’

Aanhouder wint

Al snel nadat de eerste bijenvolkeren aan de Boomdijk arriveerden, stond Maurits er met zijn neus bovenop wanneer de kasten opengingen. Het duurde dan ook niet lang voordat Dogge junior aankondigde zelf imker te willen worden. ,,Pa en ma reageerden daar nou niet gelijk heel enthousiast op,’’ geeft hij eerlijk toe. ,,We moeten iedere twee weken een avond naar Goes voor de opleiding en dat zag mijn moeder niet erg zitten.’’ De uitdrukking ‘de aanhouder wint’ bleek het ook in dit geval bij het rechte eind te hebben, want moeder en zoon verkeren inmiddels in de bijzondere omstandigheid dat zij samen dezelfde studie volgen.

Bijenvader

De weg tot het diploma is geen gemakkelijke. Zo moet er buiten de lesavonden om een dik boekwerk vol theoretische kennis eigen gemaakt worden. Pittig, maar Maurits heeft het er wel voor over. Vooral omdat er buiten alle theorie ook heel veel ruimte is voor praktijk. Maurits wordt daar, evenals zijn vader indertijd, in begeleid door Jan Gelten uit Halsteren. Deze bijenvader – zoals dat zo mooi heet – was een bewuste keuze van vader en zoon Dogge. ,,Iedere bijenvader heeft zijn eigen manier van doen en wij waren bang dat mijn vader en ik ruzie zouden krijgen wanneer we twee verschillende vaders zouden hebben. Daarnaast is Jan Gelten echt een hele goede. Als je ooit een bijenvader toegewezen krijgt, moet je echt hopen dat hij het is,’’ aldus een stellige Maurits.

Kwaadaardig volk

Het was natuurlijk deze bijenvader die hem op 7 april voorzag van zijn eerste echte bijenvolk. Een volk bestaande uit niet zomaar de eerste de beste bij maar uit 10.000 F2 Carnica’s. Een typering die de gemiddelde leek niet veel zal zeggen, maar volgens de kenners een mooi zuiver bijenras is. Gelten selecteerde bovendien een vriendelijk volk dat hopelijk een paar koninginnen levert die een positieve invloed uit kunnen oefenen op de ronduit kwaadaardige volkeren die vader Kees in zijn bezit heeft.  Want niets menselijks is de bij vreemd.

Zacht van smaak

Achttien dagen nadat Maurits zijn volk ontving, mocht hij de kast (gemaakt door opa) openmaken om de Koninginnedoppen te breken. De eerstvolgend inspectie, bedoeld om ‘het broed’ te controleren, moet op 16 mei plaatsvinden. Een moment dat hij tot zijn spijt aan zijn vader over zal moeten laten, want Maurits zelf is dan op voetbalkamp met SC Welberg en dát wil hij er nu ook weer niet voor laten schieten.

Hij zal zeker wel bij het ultieme moment in het leven van een imker zijn: het slingeren van de honing uit de eigen kast. Maurits kan al likkebaardend uitkijken naar de dag waarop de goudgele stroop zijn smaakpapillen beroert. ,,De honing van de bijen van ons pa is heel mooi en zacht van smaak. Die van mij zal grotendeels hetzelfde smaken want de nectar komt van dezelfde bloemen. En dat hoop ik ook, want het is zúlke lekkere honing.’’